Lot of noodlot is een term die gebruikt wordt om de gedachte uit te drukken dat er een noodzakelijk en onveranderlijk verloop in het leven van een mens plaatsvindt, waarbij de persoon in kwestie niet bij machte is zelf invloed op deze gang van zaken uit te oefenen.
Ik heb wel eens het idee dat iemand me in gaten houdt. Dat alles wat ik schrijf al is opgeschreven en ik het alleen kopieer, uitvoer – doorloop. Met het noodlot aan het einde.
Er is geen rede voor mij om nu niet te werken. Om nu niet vroeg op te staan en bij Ruud aan de gang te gaan. Het moet zo bedacht zijn. Wat is nou de kans dat ik alles had gedaan dat ik moest doen en ook nog op tijd thuis was om Marinda te ontvangen. En waarom had ik ineens 2 dagen vrij? Vrij om te vrijen met Marinda. Alle tijd. Meer tijd dan we eerder hadden bedacht. Ik hou niet van kans berekenen. Wiskunde vind ik geweldig maar kansen berekenen gaat helemaal nergens over. Wat is nou de kans dat je het goede antwoord hebt? Daarom gaat het nergens over.
Nee, iemand heeft ons hier neergelegd. Het is zo onwerkelijk wakker worden met Marinda. Met kruimels en hagelslag tussen onze lichamen. Niemand weet wat er is veranderd aan deze wereld. Het is maar een klein dingetje maar ik weet het wel. Dat is gek. Dat alles altijd gewoon doorgaat. Ik heb dat zo vaak. Dan wil ik een willekeurig iemand op straat beetpakken en zeggen: “Weet je wat er is gebeurd?”. Bij de geboorte van onze kinderen bijvoorbeeld. Iets dat je van de daken wilt schreeuwen.
Dat is wel veranderd inmiddels. We delen alles tegenwoordig. Het is ons lot. Iets stuurt ons naar een digitale afgrond. Een einde waar we vreemden volgen en liefde swipen. Belachelijk.
Geprogrammeerd. Ik ben programmeur. Het is bedacht door programmeurs, weet je dat, liefde swipen? Weet je wat een autisten dat kunnen zijn? De markt is ineens vrij gemaakt voor iedereen die niet de deur uit wil of durft. Ze hebben dat niet voor jou bedacht hoor. Zij die wegkruipen, onder tafel als je liefde aandraagt. Marinda kan daar helemaal niet mee. Die is op geen enkel platform meer te vinden. Google faalt. Ik heb ze allemaal gevonden, alle namen in deze blog. Behalve Marinda.
Goed gedaan Marinda.
Wel jammer. Ze kan hier niets van lezen. Ze weet het vast nog wel, ze wil er nu misschien wel niets meer van weten.
Ze is in de tuin gaan zitten, Marinda. Ik heb een ontbijtje gemaakt. Hoewel, is ontbijt iets dat je alleen in de ochtend kunt eten? Want dan is het lunch. Nou, ja late lunch dan. Het is eten.
Onze biologische klok is compleet de weg kwijt. De poes is als een perfecte zwarte ronde bontmuts op haar schoot gaan liggen. Ik word er bijna jaloers van. Ik moet hier even van genieten. Dat ze hier zit. Voordat ik weer de neiging heb haar mee naar boven te nemen of zij mij. We zijn niet te stoppen. Onze jonge lichamen beginnen zelfs gebreken te vertonen. Er zijn grenzen. We zijn ze aan het opzoeken. Ze is ook zo lekker.
Ik keek haar aan in haar ongelijke ogen. In die ene die altijd scherp stelt en die andere die er een beetje achteraan hobbelt. “Is het anders, voel je je je anders? Meer vrouw? Meer dan wat je gisteren was?”, vroeg ik. Het was zo’n cliché. Echt zo’n mannen gedachte. Ze grinnikte. “Nou, dat weet ik niet hoor.” zei ze. Ik zie het wel. Ze zou het liefst de rest van de dag naakt willen rondlopen. En dat ik dan niet aan haar mocht zitten. Bij elke pas volgt iets extra, iets zwoels iets dat er eerst niet was, maar misschien bedenk ik het maar. Wil ik dat heel graag.
Er is iets gebeurd gisterenavond, vannacht en vanmorgen het is nog niet klaar en niemand weet het. Het is een prachtig noodlot.
